brief van oom Flip

26 maart 1942

Gravenhage,

Lieve Allen,

Tot mijn groote verwondering, spijt, teleurstelling en ergernis heb ik n ò g steeds niets ontvangen, nòch een felicitatie of een pakje met mijn verjaardag. De laatste brief van 6 februari ontving ik den 16 februari. Sindsdien taal nog teeken. Ik zeg jullie dit: "indien jullie na mijn herhaaldelijke verzoeken, vragen en schrijven, er schuldig aan bent, d.w.z., dat jullie geen moeite hebt gedaan om mij het noodige te sturen, per bode of anderszins, ik jullie dringend verzoek mij n i e t meer te schrijven of wat dan ook!! Dit is mij vollen ernst!! Dag in dag uit heb ik met verlangen uitgezien naar hetgeen ik gevraagd heb en wat ik zoo dringend noodig heb, doch er kwam niets. Bezoek zal wel afgeloopen zijn, dat is reeds weken stop gezet. Papa komt toch nog geregeld in Den haag en is dat zoveel moeite om hier die koffer af te geven?? Iedereen ontvangt toch kleeren enz. Toen ik hier den wachtmeester vroeg wat dat kan zijn en dat ik zei dat u wel hier geweest zou zijn, doch dat het geweigerd was geworden iets voor mij aan te nemen, is dat "als niet mogelijk" beantwoord. Dus waarom?? Laten jullie mij zóó lang, méér dan 2 maanden wachten. Ik begrijp het niet. Ik heb geen zeep, geen tandpasta, niets, niets, niets en ben reeds wéken niet buiten geweest, omdat ik geen schoenen meer heb. Als jullie hieraan iets kunt doen, dan is het meer dan schandalig! Ik kan het mij dan ook haast niet voorstellen en toch……iedereen krijgt kleeren enzo toegezonden, dus… waarom heb ik mijn spullen nog niet? Jullie schreven steeds van pakjes sturen, hebben mij blij gemaakt en er komt niets. Had je dan stil gehouden en in ieder geval datgene gestuurd wat ik zoo noodig heb. Indien ik eerdaags weg mocht gaan dan kan ik een hoop vuil waschgoed meeslepen en niet eens schoon goed aantrekken. Hoe een schoon overhemd eruit ziet weet ik niet eens. Stuur toch in godsnaam hetgeen ik gevraagd heb en waarop ik reeds zoo ontzettend lang zit te wachten. Stuur het per van Gend en Loos of per andere gelegenheid of kom hier aan de gevangenis en geef dien koffer af. Dan wordt het hier naar den geschäfstelle gebracht en nagezien en bij mij in mijn cel bezorgd. Soit! Is dat zoo'n goocheltoer? Stuur mij dan om de zoveel weken een paar schoone overhemden en laat de vuile weghalen. Ik heb hier nog vuil goed vanaf october 1941! Schrijf niet overal naartoe of je dit mag of dat mag. Vraag niets, maar doe het! Voor 't laatst vraag ik jullie nu: "zorg dat ik datgene wat ik noodig heb binnen de kortst mogelijken tijd heb. Doe datgene erbij wat ik gevraagd heb. Bezorg dat n i e t op één van de waschdagen, althans op die uren, doch op andere dagen. Laat dan het vuile goed weghalen, wél op een waschdag en dan eens per 3 weken overhemden brengen en vuile meenemen. Misschien kan het ook buiten de waschdagen, doch dat zul je moeten informeren en trachten daarvoor toestemming te krijgen, wat wel zal lukken. Ga nu niet hierover kwezelen, ja of nee, wel doen of niet doen. Doe het of doe het niet! Doen jullie het niet, d.w.z. zijn jullie er schuld aan dat ik het nog steeds niet heb ontvangen óf dat ik het niet krijg, dan behoeven jullie mij n o o i t meer te schrijven en is dit het laatste schrijven dat jullie ontvangt van mij. Ik ben het meer dan zat en heb er dik dik genoeg van. Als het misplaatste ergernis is, des te beter en wat ik van harte vurig wensch, doch ik kan niet anders schrijven of moet eerst de reden weten.

Gegroet Philip

startpagina

©Elisa

brief 26 april 1942 (kleding)