![]() |
brief van oom Flip |
Afz. Marine Kazerne WillemsoordDen Helder. Lieve Allen, Ik hoop dat jullie mijn briefkaart deze week ontvangen hebt. Ik wilde wel dat ik eindelijk eens wat hoorde, of heb je 't zóó druk dat er geen tijd overblijft. Als dat zo is, welaan dan laat je het maar. Verwacht dan ook van mij maar geen schrijven meer, dan heb ik óók wel wat anders te doen. Of zitten jullie zoo zwaar over den oorlog te kweezelen dat je al het andere vergeet? Waarom ik in Nieuwe Diephen zit zul je wel weten nietwaar? Jl. woensdag moest ik voor den krijgsraad verschijnen, edoch dat is uitgesteld tot 20 september a.s. Ik denk dat wel dat ik er afkom. In ieder geval maar afwachten. Als dit achter den rug is, hoop ik weer naar mijn basis terug te keeren. Wanneer dit zal zijn weet ik niet, edoch dat zal nog wel enkele weken duren. Wat den dienst hier betreft trek ik mij weinig van aan. Ik smeer hem zoo gauw ik maar kan, zoo ongemerkt er tusschenuit als ik geen wacht heb, dan ga ik passagieren. Ze kennen mij hier toch niet en ik zal hen niet wijzer maken. Heb je nu al geïnformeerd naar dat laken en baai? Schiet daar toch eindelijk eens mee op. Ik heb het hard noodig. Ik loop er schandalig bij; begrijp dat toch en ik heb geen zin en 2e plaats geen geld om een laken broek van 17-18 gulden te koopen. Zou je oom Ko of tante Mien niet kunnen vragen het geld voor te schieten? Dan stuur ik het zoo gauw mogelijk op als ik tractement ontvangen heb. Als er post is stuur dit naar hier door en laat mij alstublieft eens wat anders hooren. Kwezel nou eens niet zus langdradig over al dat gelazer, maar houd je hersens bij elkaar. Als ik volgende week niets hoor, dan kun je mij wel afschrijven, want het gaat mij donders vervelen al dat gekwijl. Zie dus maar wat je doet. Heb je "geen tijd"! Saluutjes dan. Gegroet Philip. |
briefkaart, 1939
Lieve mama, papa en Jo,
Ik weet niet of ge mijn brief ontvangen hebt. Wanneer ge dezen kaart ontvangt weet ik evenmin. Met mij alles prachtig en ik bid jullie weest nóóit ongerust over mij. Als er gelegenheid is, schrijf mij dan terug. Gij moet sterk en flink zijn. Iederen Nederlander kent nu zijn plicht. Deze is in den eersten plaats WILSKRACHT, MOED, TROUW en den vaste overtuiging te strijden voor den Grooten Zaak, onze vrijheid. ALLEN hebt ge mee te strijden al is dit dan niet met wapens in den vuist. GIJ STRIJDT met nuchter verstand, kalmte en overleg met het hoofd in den nek. Tot weerzien! Uw liefhebbende Philip. |
![]() |
©Elisa |
![]() |